Tolk in de rechtbank

Gepubliceerd: donderdag 13 februari 2014 Geschreven door Karolien

RechtbankRegelmatig word ik opgetrommeld door een rechtbank om tijdens een zitting op te treden als tolk. Soms bellen de rechtbanken helemaal niet eerst even netjes van tevoren op, maar sturen ze me meteen een dagvaarding om ter zitting te verschijnen, waarna ik, als ik niet kan of wil gaan, er alleen met een goed excuus onderuit kan komen.

Maar goed, als het niet te ver uit de buurt is - ik word namelijk ook wel eens gebeld door rechtbanken in (excusez le mot) Cú de Judas, dat is de Portugese (ongekuiste) variant van Lutjebroek of Verweggistan – dan wil ik dat wel doen.

Ik weet bijna nooit van te voren om wat voor zaak het gaat, en al helemaal niet wie de "goeierik" is en wie de "slechterik". Meestal ben ik ruim op tijd aanwezig maar ik houd me altijd afzijdig en stap niet snel op iemand af, ook om de "tegenpartij" niet de indruk te geven dat vriendjespolitiek aan de orde kan zijn. Een keer werd ik, tijdens de onderbreking van een lange zitting, door de Nederlandse getuige en diens advocaat uitgenodigd om mee te gaan eten. Dat kan lastig zijn, want de tegenpartij ziet mij dan toch meteen als lid van het "vijandige kamp".

Een andere keer verscheen ik ter zitting om als tolk op te treden voor de verdachte, terwijl de klager in dat proces een bekende van me was. De verdachte wist dat en aanvaardde mijn aanwezigheid pas nadat de rechtbank hem had verzekerd dat mijn diensten volledig onafhankelijk zijn en dat ik alle informatie, zoals altijd, zo goed mogelijk zou vertalen en overbrengen.

Rechters zijn meestal niet gewend aan de aanwezigheid van een tolk. In plaats van de vragen te richten aan de getuige c.q. verdachte, richten ze hun vragen aan mij. Dat levert rare situaties op. De rechter vraagt of ik zeker weet dat de getuige bedoelt dat meneer X tijdens het telefoontje met meneer Y niet heeft gehoord dat die met meneer Z had afgesproken dat ... volgt u het nog? Ik ook soms niet. Ik herhaal de vragen maar zo letterlijk mogelijk aan degene voor wie ik vertaal, dus ook of de getuige inderdaad "dat en dat" heeft gezegd en verder vertaal ik ook alle losse opmerkingen tussendoor, zowel die van de rechter of advocaat als die van de verdachte of getuige zelf. Dat is de enige manier om ervoor te zorgen dat ik géén partij word bij de ondervraging. Ik praat, dus ik besta, maar ik doe níet mee!!

Af en toe ontstaat er een conflict; de getuige of verdachte praat terwijl een van de advocaten er nog een vraag bovenop stelt. In zulke gevallen probeer ik in het oog te houden voor wie mijn aanwezigheid het belangrijkst is en welke partij het kwetsbaarst is. Die afweging is bijna altijd in het voordeel van de verdachte of de getuige; dat is immers de enige persoon - onder alle aanwezigen - die een belangrijk gedeelte van alles wat er om hem heen gebeurt niet begrijpt; hij is afhankelijk van mijn vertaling om zijn recht op het krijgen en geven van informatie uit te kunnen oefenen. 

Sommige mensen houden erg van negatieve vragen. Dan klinkt het: "weet u zeker dat u níet met hem daarover hebt gesproken?" Dan moet het antwoord "ja" zijn (dat weet ik zeker) maar vaker zegt de ondervraagde "nee" (dat heb ik zeker niet gedaan). En dat zorgt voor verwarring – die ik dan weer heen en weer moet vertalen. Een keer was ik zo dom om "sim" te vertalen terwijl de ondervraagde "nee" zei in de hoop die verwarring te voorkomen; dat doe ik dus nooit meer!

Er zijn verdachten en getuigen die heel veel lichaamstaal gebruiken om hun beweringen kracht bij te zetten - zeker als ze weten dat hun verhaal (nog) niet wordt begrepen door de luisteraars - er zit immers een vertaalslag tussen. In die situaties kan ik me soms ook niet goed inhouden en gaan mijn handen als vanzelf ook meer omhoog terwijl ik het verhaal in de andere taal herhaal, hetgeen wellicht soms een onbedoeld komisch effect heeft.

Tegenwoordig gebeurt de ondervraging van getuigen steeds vaker per videoconferentie. Dat verloopt niet altijd vlekkeloos en de verbinding hapert nogal eens. Als tolk moet ik me begeven naar de rechtbank waar de zaak dient, waarna de verbinding met de rechtbank waar de getuige zich bevindt tot stand wordt gebracht. Een tijdje geleden reisde ik van mijn woonplaats Caldas da Rainha naar een rechtbank 150 km verderop, terwijl de ondervraagde-op-afstand zich in de rechtbank van ... Caldas da Rainha bevond!

U snapt dat het al met al verre van ideaal is om bij de waarheidsbevinding afhankelijk te zijn van een derde persoon - de tolk - om de informatie op de juiste wijze te laten stomen. Maar ja, zónder de tolk is de informatiestroom helemaal onmogelijk. Dus is iedere situatie weer een unieke belevenis waar ik het beste van probeer te maken. 

Als u in de toekomst gebruik moet maken van een tolk om een gesprek te kunnen voeren, denkt u wellicht nog eens aan mijn verhaal. Als alle partijen van goede zin zijn en proberen met elkaar samen te werken is alles mogelijk!